Missie Benelux  
      Secretariaat-Generaal Benelux-instellingen Benelux Publicaties Dossiers Reglementeringen

Inleidende nota bij de aanbevelingen die voortvloeien
uit de op 26 en 27 februari 2003 te Brussel gehouden
zestiende Benelux Werkconferentie

“Interpretatiecentra voor de opwaardering van een specifiek gebied of groene ruimte”

De zestiende BENELUX Werkconferentie vond plaats te Brussel op 26 en 27 februari 2003 en werd door het Brussels Instituut voor Milieubeheer (B.I.M.- I.B.G.E.) – Administratie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest georganiseerd. De conferentie had als thema : "Interpretatiecentra voor de opwaardering van een specifiek gebied of groene ruimte".

De rond presentaties, workshops, discussies en bezoeken opgebouwde conferentie bood de gelegenheid informatie uit te wisselen en discussies te voeren over dit type onthaal- en informatiestructuur ten behoeve van het publiek. Het thema werd vanuit diverse invalshoeken benaderd : de multiculturele invalshoek met aandacht voor de maatschappelijke, stedelijke en landelijke dimensies en de gebiedsgerichte invalshoek waarbij de aspecten biologie, recreatie, toerisme, bosbouw en bedrijf aan bod kwamen. Bedoeling daarbij was via workshops te komen tot aanbevelingen teneinde de werking van bestaande centra te verbeteren en toekomstige centra op een gedegen manier te ontwerpen. De aanbevelingen zullen doorgeleid worden naar de verschillende actoren van natuur- en milieueducatie (NME), de beheerders van de interpretatiecentra, de sectorale beleidsmakers en het Benelux Comité van Ministers.

Sinds een twintigtal jaar werken de Benelux-partners nu al samen op het gebied van educatie, informatie en communicatie rond natuur en milieu.
Deze samenwerking vloeit voort uit de besluiten van de Derde Benelux Regeringsconferentie van 20 en 21 oktober 1975*. Tijdens die conferentie waren de Regeringen van oordeel dat de verbetering van het leefmilieu in het gehele Benelux-gebied een belangrijke doelstelling van de samenwerking in Benelux moest zijn. In het daarbij concreet uitgewerkte werkprogramma staat o.a. vermeld dat samenwerking op het gebied van natuur- en milieueducatie tot stand moet worden gebracht.
Met het oog op het uitvoeren van die besluiten is een Bijzondere Commissie voor het Leefmilieu ingesteld, die belast is met de behandeling van vraagstukken inzake de coördinatie van beleidsaangelegenheden met betrekking tot het milieu en die daartoe secties en werkgroepen kan oprichten.
Nog steeds in die geest hebben de Regeringen door middel van een Benelux-Overeenkomst op het gebied van natuurbehoud en landschapsbescherming, die door het Benelux Comité van Ministers werd vastgesteld, nog concreter uitdrukking gegeven aan hun streven om tot een actief gemeenschappelijk milieubeleid te komen.

Tegen deze achtergrond kreeg de Benelux-werkgroep « Educatie, informatie en communicatie » een mandaat van de Sectie « Natuurbehoud en Landschapsbescherming » en houdt zij zich sinds 1984 bezig met het bijdragen tot het versterken en het afstemmen van de werkzaamheden die in de Beneluxlanden op het gebied van educatie en informatie m.b.t. natuurbehoud worden uitgevoerd.

Deze werkgroep wil een vervolgtraject aan de werkconferentie verbinden en de bevoegde hoge gezagdragers bewust maken van de behoeften van dergelijke centra in termen van leefbaarheid en duurzaamheid. Besloten werd daarom deze aanbevelingen aan de betrokken bestuurders maar ook aan de lokale actoren voor te leggen.
Deze aanbevelingen die van bevindingen en conclusies vergezeld gaan, worden op de volgende bladzijde opgesomd. Ze bieden een overzicht van de belangrijkste punten die de deelnemers aan de werkconferentie gezamenlijk op de voorgrond hebben kunnen stellen.

De volgende Benelux werkconferentie op dit terrein wordt door en in Nederland georganiseerd.

Voor nadere informatie, ook over regelgeving (zie *), kunt u terecht bij het Benelux Secretariaat-Generaal (m.naessens@benelux.be) en op de website (www.benelux.be).

De deelnemers aan de zestiende Benelux-conferentie "Interpretatiecentra voor de opwaardering van een specifiek gebied of groene ruimte", georganiseerd door het Brussels Hoofdstedelijk Gewest op 26 en 27 februari 2003,

Geïnterpelleerd door de overheden in de Benelux over wat wordt bedoeld met een interpretatiecentrum (functie, inhoud, …) om ze te verbeteren dan wel op te richten in een geest van duurzaamheid,

Constateren :

  • Dat het gezien de specifieke situaties onmogelijk is een vademecum met pasklare oplossingen op te stellen
  • Dat de term « interpretatiecentrum » tot verwarring leidt en niet dezelfde is in alle Beneluxlanden
  • Dat het welslagen van het project afhangt van de gedachtevorming m.b.t. de projectvorming (doel ? welke infrastructuur ? publiek ? …) evenals van de betrokkenheid van het publiek bij projecten cruciaal is (inspraak, enquêtes, …)

Besluiten :

  • Dat voorafgaand onderzoek voor de oprichting van deze centra op zeer gevarieerde terreinen (fauna, flora, landschap, geschiedkunde, economie, …) stelselmatig moet worden opgezet
  • Dat een lokale verankering bij de bevolking, bij lobby’s uit het verenigingsleven, bij de verschillende gebruikers volstrekt noodzakelijk is (aandacht voor culturele, maatschappelijke en economische aspecten)
  • Dat de faciliteiten geïntegreerd moeten zijn in de centruminfrastructuur en dat de technische middelen (gebruik van nieuwe efficiënte technologie) op het publiek zijn afgestemd
  • Dat ten behoeve van de leefbaarheid de centra niet alleen zijn toegerust met een evoluerend vermogen (flexibele inhoud, aandacht voor infrastructuur), maar ook een netwerk vormen met het oog op complementariteit wat tot een betere grensoverschrijdende samenwerking leidt
  • Dat bij lichte infrastructuur het technisch ondersteunend personeel (bijv. onderhoud) van een gebied nog meer aan het centrum verbonden is en verantwoordelijkheidsgevoel t.a.v. het centrum heeft.
  • Dat de pedagogische documenten en de animatie-activiteiten (kwaliteit sprekers) op de doelgroep worden afgestemd (opleidingsniveau; leeftijd; verwachtingen; groep of individuele bezoeker, …), dat zij de pedagogische boodschap van het centrum en de doelstellingen ervan weergeven, dat zij de zintuigen en emoties van het publiek stimuleren
  • Dat uitwijkgebieden of geleidingssystemen voor het publiek worden opgezet waarmee eventuele hinder van de bezoekers naar bepaalde punten wordt afgeleid, e.e.a. om sommige kwetsbare gebieden beter te beschermen

En bevelen aan :

  • dat een interactieve website met o.a. de verschillende soorten documenten uitgegeven door de desbetreffende centra wordt opgezet
  • dat het vraagstuk van de financiering opgelost wordt om deze centra op lange termijn levensvatbaar te maken

Al deze punten kunnen in een « bestek » worden opgenomen in de aanloop naar de oprichting van een dergelijk centrum. Hierin worden de hoofdlijnen uitgezet die moeten worden gevolgd om het werk in goede banen te leiden, door o.m. het concept, de nagestreefde doelstellingen, de doelgroep,… vast te leggen om zo veel mogelijk te zorgen dat het centrum een succes is.